10 ALLEEN PENSIONADOS LEZEN NOG FOLDERS fabel!

Een ‘folderfabel’. ‘Foldertjes’ worden namelijk door zowel jongeren als ouderen gelezen. En door zowel lager als hoger opgeleiden. Ruim 61% van de ontvangers leest de folders die via de brievenbus op de deurmat vallen. Al dan niet meegeseald in een folderpakket. Ze besteden hier gemiddeld 17 minuten per week aan. Ook online (vooral mobiel en tablet) worden de folders aangeboden. Maar de digitale folder wint het (voorlopig) nog niet van de fysieke folder.

Per jaar geven adverteerders samen 164 miljoen euro uit aan folders. Genoeg voor een top 10 notering van de meest populaire mediakanalen. Het overgrote deel hiervan bestaat uit retailers. Het voordeel voor ‘de grote jongens’ is vooral dat ze op een kostenefficiënte manier een grote massa kunnen bereiken (6 miljoen huishoudens). En niet te vergeten: je kunt er veel informatie in kwijt (veel meer dan in een 25 seconden tv-commercial). Maar ook de kleinere - vaak lokaal georiënteerde - winkels maken gretig gebruik van de folderpakketten. Wellicht minder bekend, is dat je met folderpakketten vrij goed kunt segmenteren op interesse, leeftijd, sociale welstand, locatie: you name it. Zo kun je precies uitkienen bij wie je wel of niet op de keukentafel terechtkomt. De folder is voor veel marketeers dan misschien minder sexy dan ‘online’, het is nog steeds een beproefd en effectief middel om de conversiedoelstellingen te behalen. Zeker in combinatie met andere mediamiddelen.

Lees meer

9 ZONDER VLOGGER TEL JE ALS BEDRIJF NIET MEER MEE fabel!

Vloggers en volgers. Als Coca-Cola en Wehkamp hun eigen kanaal hebben en zelfs Gerard Joling van zijn management moet gaan vloggen, dan wordt het écht tijd om mee te doen. De marketeer die nú de boot mist, blijft voorgoed achter. Of niet?

Het grote voordeel van vloggers is dat ze hun authenticiteit (en autoriteit) meebrengen. De video’s van deze social influencers worden door jongeren veel eerder geloofd (en gezien) dan een advertentie of tv-commercial. En dat is zeer waardevol. Voor een merk kan het dus aantrekkelijk zijn om een vlogger aan zich te binden. Maar daar zit ook meteen de uitdaging: met de contracten, komen ook de voorwaarden. Logisch: je wilt je merk natuurlijk optimaal beschermen. Stel je eens voor dat uitgerekend ‘jouw’ vlogger met een aantal Breezertjes op, met de door jou gesponsorde scooter een oud omaatje aan gort rijdt (om maar een voorbeeld te noemen). Enfin. Het punt is: er kleven dus zeker risico’s aan. En hoelang is authenticiteit vol te houden als merken met wensenlijstjes komen of bekend wordt hoeveel ze ervoor betaald hebben?

Gelukkig zijn er voor twijfelaars genoeg alternatieven om met jongeren in contact te komen (denk bijvoorbeeld aan festivals, de vele social mediakanalen, in-app en in-game advertising, tv-programma’s, radio etc.). En als blijkt dat vloggers ook op de langere termijn waardevol zijn, kun je altijd nog instappen. Ondertussen leer je van andermans fouten. En successen

Lees meer

8 EEN A/B-TEST? DAT KAN TOCH ALLEEN ONLINE? fabel!

Wat converteert beter? Een man met snor of een man zonder snor? Een rode of gele heading? Moet de button links of juist rechts? Wie twijfelt kan met een A/B-test lekker experimenteren en bovendien eindeloze discussies vermijden. De variant die het best werkt, wordt de winnaar. Punt uit. Deze testmethode heeft als voordeel dat een gebruiker niet doorheeft dat hij in een test zit en dus zijn gedrag niet aanpast.

Conversie verhogen is een belangrijk en continu proces. Immers, hogere conversieratio’s zorgen voor meer sales en verlagen de kosten per ‘lead’ of ‘sale’.

Dat je niet alleen ‘online’, maar ook ‘offline’ prima kunt testen, weten veel (jonge) marketeers helaas niet. Een gemiste kans. Mediakanalen als huis-aan-huisfolders en ‘direct mail’ lenen zich hier namelijk uitstekend voor. Op basis van doelgroepkenmerken kun je twee (of meerdere) testgebieden opzetten en precies meten welke versie - onder exact gelijke omstandigheden - het beste presteert. Let er alleen wel op dat je niet te veel tegelijkertijd test, anders weet je nog niet wat het verschil heeft gemaakt.

Lees meer

7 ABRI'S INZETTEN? WEET JE WEL WAT ONS BUDGET IS? feit!

Om abri’s kun je niet heen. Je kunt ze niet wegzappen of zachter zetten. Ook de ‘Adblocker’ gaat je deze keer niet helpen. Maar zijn ze hun geld ook echt waard?

Abri’s zijn met 70% veruit het meest populair binnen het out-of-homesegment en worden verkocht in pakketten. Eén abri op straat kost je in het meest uitgebreide pakket €85,-. Maar dan moet je er wel eerst 2600 afnemen. Wat je ervoor terugkrijgt is een bereik van 54%. Een rondje abri’s met landelijke dekking kost je ongeveer twee ton. Je bereikt daarmee in een week tijd dus de helft van Nederland voor de prijs van €38,- ‘per view’ (drukkosten etc. niet meegerekend). Niet bepaald een koopje. Om een voorbeeld te geven: met een folder in een huis-aan-huisfolderpakket is de gemiddelde contact frequentie 65% bij een oplage van 5.7 miljoen stuks. Als je dan ook nog bedenkt dat een abri een vluchtig medium is, met ruimte voor slechts een korte boodschap (max. 6 woorden), is het slim om kritisch te blijven en je af te vragen of een abri binnen je ideale mediamix past. Vergeet echter niet dat je natuurlijk wel lekker zichtbaar op straat bent en abri’s een ‘proven trackrecord’ hebben voor het genereren van bekendheid.

Lees meer

6 DE KIJKCIJFERS ZIJN GEBASEERD OP 150 MENSEN fabel!

Het zijn er ietsje meer: geen 150 maar 2800 mensen hebben een ‘kijkkastje’ in huis. Om het even in het juiste perspectief te zetten: dat is net zoveel als alle inwoners van Wanroij bij elkaar. U weet wel: dat pittoreske dorpje in Noord-Brabantse gemeente Sint Anthonis.

Omgerekend is dat een ‘indrukwekkende’ 0,00164% van alle 17 miljoen inwoners die ons land rijk is. Kijkcijfers zijn voor televisiemakers (en zenders) een belangrijke graadmeter voor succes. Zijn er te weinig kijkers, dan wordt de stekker er ‘rücksichtsloos’ uitgetrokken. Lekker boeiend hoor ik je denken. Maar het succes van een programma bepaalt óók het tarief van jouw reclamespot. En dan is het dus retebelangrijk dat deze cijfers representatief zijn. Zeker als je beseft dat TVC’s met stip de meeste reclame-euro’s opeisen: 4 miljard euro verdwijnt jaarlijks in de beeldbuis. Daarmee gaat maar liefst 55% van al het mediabudget (online niet meegerekend), naar TV (dagbladen pakken bijvoorbeeld maar 12% en radio 10%).

Het ‘uitgesteld kijken’ wordt ook berekend. Uitgesteld kijken is ideaal, want dankzij de digitale tv kun je het programma bekijken wanneer jij er zin in hebt… én de reclameblokken ‘fastforwarden’. Iets om goed in de gaten te houden dus.

Lees meer

5 INSTAGRAMMERS KLIKKEN 2,5KEER ZO VAAK OP EEN ADVERTENTIE feit!

Instagrammers zijn niet alleen een stuk jonger dan de gemiddelde Facebookgebruiker, ze zijn blijkbaar ook een stuk nieuwsgieriger. Dus ja; het is inderdaad een feit dat Instagrammers 2,5 keer zo vaak op een advertentie klikken. Waarschijnlijk zijn ze een beetje in de war en herkennen ze de advertenties nog niet als zodanig. Adverteren op Instagram kan in Nederland namelijk pas sinds vorig jaar. Vraag is hoe lang de jongeren ‘Instagramtrouw’ blijven, wanneer ze doorkrijgen dat de leuke plaatjes en filmpjes waar ze op klikken, eigenlijk spam is van adverteerders.

Nog meer feiten: Instagram kent momenteel 1,8 miljoen Nederlandse gebruikers. Waarvan de helft jongeren. En de groei zet door. Met 9,4 miljoen gebruikers in Nederland blijft Facebook nog steeds de allergrootste, alleen doen opa en oma tegenwoordig ook gezellig mee. Het is overigens een fabel dat jongeren massaal afhaken op Facebook, maar het aantal gebruikers daalt wel gestaag: 12% minder dan vorig jaar.

Lees meer

4 8,7% HEEFT EEN NEE/NEE-STICKER feit!

Dat klopt als een bus. Valt je mee hè? Zeker als je het vergelijkt met de online variant van de NEE-NEE-sticker: de ‘Adblocker’. Maar liefst 54% van alle mannelijke internetgebruikers tussen de 18 en 21 jaar heeft er een draaien. Blijkbaar vinden de meeste mensen het dus geen probleem om ongeadresseerde folders te ontvangen. En wat je ook mee zal vallen: de folders worden gemiddeld 17 minuten per week gelezen. Naast het scannen van aanbiedingen, laten consumenten zich ook door folders inspireren en zien ze het als een prettige manier om te ontspannen. Met een bereik van circa 6 miljoen huishoudens is het huis-aan-huiskanaal nog steeds een belangrijk medium om een groot bereik te realiseren.

Lees meer

3 JE BENT EEN VAN DE WEINIGEN DIE OP BANNERS KLIKT feit!

Banners. Je ziet ze overal. Maar hoe effectief zijn ze nou echt? De eerste banner werd 20 jaar geleden gelanceerd en had een doorclickratio (CTR) van maar liefst 45%. De gemiddelde banner moet het vandaag de dag doen met – schrik niet – een magere 0,18%! De kans dat je een banner aanklikt is daarmee gelijk aan de kans dat je geraakt wordt door een bliksemschicht. En dat terwijl je de Mount Everest beklimt. Kunnen we de banner nu dan definitief begraven? Nee. Zeker niet. Uiteraard zijn er nog steeds banners die wel effectief zijn. De ‘bannersuccesfactor’ bestaat uit meerdere elementen. Bijvoorbeeld of de content relevant is voor de kijker en of de banner ondersteund wordt door andere middelen (bv. radio, TVC, huis-aan-huisfolders). De banner van nu is geen statisch pixelplaatje meer, maar een volledig geanimeerde ‘page take-over’. Een dappere poging. Maar desondanks blijven de CTR’s laag: een bovengemiddeld scorende banner haalt slechts 0,28%.

Misschien moeten we gewoon van het idee af dat een banner áltijd conversie tot doel heeft en banners zien als een extra ‘branding tool’. Je kunt immers voor weinig geld heel veel vertoningen realiseren (er klikt toch geen hond op). Maar ja, wat een banner doet voor je merkbeleving, kun je helaas wat minder goed meten. En meetbaarheid is nou precies waar de banner ooit zo groot mee is geworden…

Lees meer

2 SAMPLING VERHOOGT DE AANKOOPINTENTIE MET 31% feit!

‘The proof of the pudding is in the eating’. Of gewoon op z’n Hollands: ‘Wat de boer niet kent dat vreet ‘ie niet’. En het is waar: maar liefst 31% is na het proeven, ruiken en voelen van een product eerder geneigd om over te gaan tot een aankoop. En 12% is daar zelfs zeker van.

Sampling is - volgens onderzoek door IntomartGfK - zo effectief, dat 81% van de respondenten zelfs drie weken na de actie nog exact weet om welk product het ging. Dus je gratis (mini)product verdien je sowieso terug. Dat ‘sampling’ allang niet meer het plakje leverworst bij de slager is of het blokje kaas bij de kaasboer, wisten we al. Fieldmarketing is inmiddels volledig geïntegreerd in de mediastrategie van veel bedrijven en de bureaus schieten werkelijk als paddenstoelen uit de grond.

Een ander samplingkanaal dat steeds meer terrein wint, is het huis-aan-huisfolderpakket. Geen wonder, de verspreidingskosten zijn verhoudingsgewijs laag en je kunt goed segmenteren. Een ander voordeel: je wordt niet lastiggevallen met een vervelend praatje, maar kunt rustig met een kopje koffie aan de keukentafel door de folders bladeren.

Lees meer

1 43% VAN HET ONLINE BUDGET GAAT NAAR VINDBAARHEID feit!

Dat mediabudgetten meer verschuiven naar ‘online’ is een feit. Maar wat ook een feit is, is dat bijna de helft van dit budget wordt opgestookt aan ‘search’. Bedrijven willen het liefst bovenaan in de zoekresultaten staan en betalen daar serieus geld voor. Daarom wijken marketeers ook steeds vaker uit naar SEO-specialisten, die maar al te graag helpen om tussen de natuurlijke zoekresultaten te verschijnen. Binnen de online bestedingen groeit ‘mobile’ momenteel - by far – het hardst. De kosten voor ‘mobile search’ zijn nu (nog) niet zo hoog. Dus wil je scoren bij je collega’s, dan is het slim om daar nu snel op in te spelen. Denk na voordat je het complete budget op online zet: uit onderzoek van iProspect blijkt dat van alle zoekopdrachten, 67% wordt gestimuleerd door ouderwetse offline-campagnes.

Lees meer